PRESS RELEASE

Toespraak bij de opening van de tentoonstelling Gaby Cleuren “Geschilderde gedachten en herinneringen - Dagboeknotities” 10 april 2010 Edegem – Huis Hellemans
(... Aansprekingen...) Dames en heren,
In januari van dit jaar bevond zich onder de bezoekers aan een groepstentoonstelling van de Koninklijke Wase Kunstkring, waarvan Gaby Cleuren actief lid is, psychiater Willem Vandereyken. Hij is de zoon van de onlangs overleden componist Ernest van der Eyken, die ook een gevierde vioolleraar was, dirigent van het Jeugd en Muziekorkest en stichter van het Philharmonisch Orkest van Antwerpen. Terwijl hij enkele werken van Gaby Cleuren aanschouwde, vroeg de psychiater me of de naam “Cleuren” een artiestennaam was, zo onder de indruk was hij van het koloriet van de schilderes die hier vandaag in Huis Hellemans tentoonstelt. Geeft u toe dat het extraverte gebruik van rood, geel, groen ook u heeft getroffen. Sinds een vierjarig verblijf op een Caribisch eiland blijven deze kleuren voorgoed in haar herinnering bewaard. Ik kom zo meteen nog op dit aspect van Gaby’s kunst terug.
Maar neen, geen artiestennaam is het: Gaby heet écht Cleuren. Tot daar voor de anekdote. Gaandeweg ontspon zich dan een gesprek over wat de toeschouwer ziet, over wat hij niét ziet, over hoe hij het werk van de kunstenaar interpreteert. Een kunstwerk gaat immers zijn eigen leven leiden, eens het in de openbaarheid treedt. “Het zegt veel over wie die toeschouwer is”, zei de psychiater me. Wat meer is, hij vond het ook interessant om stil te staan bij de manier waarop de kunstenaar zijn werk tot stand brengt: wat hij erin legt, wat hij –onbewust misschien- verborgen houdt, hoe hij de realiteit interpreteert die hem inspireerde. Ook dàt zegt veel over de mens achter de kunstenaar. Je zou warempel als kunstenaar en als toeschouwer bang worden om samen met een psychiater een tentoonstelling te bezoeken...
Ik vertelde over dit gesprek aan Gaby Cleuren. Ze dacht even na, en zei toen hoe ze ooit bij een verhuis een hele reeks van haar werken uit verschillende perioden van haar carrière naast elkaar had opgesteld. Toen ze deze reeks bekeek, bleek dat voor haar een ware revelatie: veel van de onderwerpen die zij geschilderd had, vertoonden details waarvan ze zich niet bewust was geweest. Het aanschouwen van haar werken bleek voor Gaby een confrontatie met zichzelf, een onvermoede ontdekking van aspecten van haar rusteloze geest, die haar voortdurend drijft tot het uiten van innerlijke affecten. Deze vaststelling brengt ons tot het onderwerp van deze tentoonstelling, “Dagboeknotities”.
Tijdens mijn bezoek aan haar atelier werd ik getroffen door de vrouwelijke figuur die in vele doeken aanwezig is. Dat is ze zelf. Een van de schilderijen toont een bed. Je staat als toeschouwer achter het bed en ziet enkel het hoofd van de vrouw die slaapt, met daaromheen talloze vormen en figuren, soms expliciet, vaak cryptisch. Gaby Cleuren schildert bij wijze van spreken ’s nachts, vertelt ze, wanneer ze in bed ligt. Haar geest staat nooit stil. De indrukken die ze opdoet tijdens haar wandelingen, bij haar dagdagelijkse bezigheden, tijdens reizen en gesprekken, maken diepe inkervingen in haar onbewuste ik, als de inkervingen in een boombast van een toevallige wandelaar in het bos, die je jaren later nog terugvindt zonder te weten wie de auteur ervan was. Dromen, herinneringen, verlangens en angsten, bewuste observaties of gevoelens van droefheid en vreugde, ze krijgen een plaats in haar innerlijke en vormen de bron voor haar dagelijkse dagboeknotities. Letterlijk eerst: Gaby schrijft alles neer, om vast te houden, om een spoor te hebben van wat haar beroert. Daarna vormen die notities de bron van haar werk, bijna dwangmatig, met snelle streken, uiterst productief, alsof haar innerlijke bewogenheid een uitweg zoekt uit het carcan van het nog onverwerkte. Gaby Cleuren vergelijkt zelf haar artistieke activiteit met die van een Japanse kalligraaf. Het beeld van de Aziatische kunstenaar, die gehurkt voor een wit vlak minutenlang de uiterste concentratie zoekt, om dan in een opwelling, in enkele snelle borstelstreken het gevoel van binnenuit, met volle energie, te exterioriseren en naar de oppervlakte te brengen. In haar atelier zie ik een papiertje op een balk geprikt, met daarop de woorden: “My art is a revenge from art on the intellect”. Wanneer ze schildert, laat ze het cerebrale niet toe; de snelheid en gedrevenheid van haar kunst vermijdt de afstand die een intellectuele duiding onvermijdelijk zou scheppen. Haar schilderijen staan in een bijna directe verbinding met haar intense beleving, die ze onvertekend laat opborrelen. Zo wordt het innerlijke be-tekend. Het krijgt betekenis. Volgens de Franse psychoanalyticus en filosoof Jacques Lacan bestaat iets slechts wanneer het wordt verwoord. De realiteit zelf is ongrijpbaar; de wereld kan slechts verschijnen in de symbolische orde van de taal, symbolisch, want afgebakend door de conceptualiteit ervan. Gaby Cleuren ver-taalt haar wereld in haar schilderkunst: elk doek moet worden gelezen. In tegenstelling tot de Japanse kalligraaf werkt zij echter niet abstract. Haar taal is bewust figuratief, de voorstellingen op het doek zijn sterk associatief met wat ze wil uitdrukken, en een eerste associatie brengt er meteen een nieuwe mee.
Op het eerste gezicht staat de toeschouwer voor een onmogelijke taak: hoe haar ver-taling van haar onbewuste ik ontcijferen? Hoe haar diepste beleving, omgevormd tot een intens palet van kleuren en figuren, van symbolen en pictogrammen begrijpen? En toch, zoals de inkervingen in een boombast, jaren geleden aangebracht door een onbekende, onwillekeurig een verhaal oproepen, zo is de toeschouwer in staat om al was het maar een glimp op te vangen van de innerlijke belevingswereld van Gaby Cleuren. Haar absoluut individuele kunstuitingen hebben tegelijk iets universeels. Immers: “Nothing human is strange to a human being”, zoals ze het zelf stelt. Recentelijk vergeleek Jean-Paul Gavard-Perret, hoogleraar aan de Université de Savoie in Frankrijk, in een artikel haar werk met grotschilderingen uit de prehistorie: “L’être n’est qu’une espèce d'un ordre primitif que Gabriella Cleuren développe en des gestes préhistoriques - au sens propre. La trace parfois des doigts sur le support rappelle l’acte de l’homme des cavernes qui marquait de son empreinte la paroi de pierre pour témoigner ». Vrij vertaald : "Het wezen van de mens behoort tot een soort primitieve orde, waaraan Gabriella Cleuren uiting geeft in een prehistorische vormgeving – in de eigenlijke zin van het woord. De verfstreken, soms op het doek aangebracht met de vingers, roept de daad op van de holenmens, die op de rotswand een afdruk naliet om getuigenis te brengen”. Voortdurend creëert Gaby Cleuren sporen van haar leven. In felle, directe borstelstreken, vaak gebruik makend van primaire kleuren. Elk uitgebeeld detail is het aan de oppervlakte komen van een intense beleving, die echter door het universeel-menselijke ervan een band schept met de toeschouwer, een bron van herkenning, bewust of onbewust... Dames en heren, ik nodig u uit om straks op zoek te gaan naar wat deze kunstenares heeft willen uitdrukken, en in hààr dagboeknotities ùw eigen belevingswereld te lezen.